zondag 23 juni 2013

Loslaten

Sub Finem

En nu alleen
Het lichaam los te laten -
De liefste en de kinderen te laten gaan
Alleen nog maar het sterke licht
Het rode, zuivere van de late zon
Te zien, te volgen – en de eigen weg te gaan.
Het werd, het was, het is gedaan.

M. Vasalis heeft het zo prachtig verwoord.
Maar loslaten in het leven is geen koud kunstje. 
Je houvast verliezen heeft een enorme impact. Want vaak ben je bang om de greep kwijt te raken en wil je er alles aan doen om de controle te behouden. 

Onze jongste zoon van 19 jaar woont nu een jaar  als student op kamers. Hij is wars van enige structuur terwijl hij dat, in mijn beleving, zo hard nodig heeft. Nu is zijn eerste jaar opgegaan aan... ja, aan wat eigenlijk? Niet aan regelmatig studeren! Het hele jaar heb ik hem goedschiks én kwaadschiks gepoogd te bewegen tot regelmaat. Ik stak hem een hart onder de riem als hij thuis was in het weekend en (Whats)Appte er doordeweeks lustig op los met adviezen, bemoedigingen en nog veel meer dwingende adviezen totdat ik er zelf helemaal beroerd van werd. Plus dat dit tevens prachtige communicatiemiddel aangeeft wanneer iemand voor het laatst 's nachts op zijn mobieltje kijkt (bedtijd!) en ook een tingeltangeltje laat horen aan de moeder wanneer het kind in diezelfde nacht een vraagje heeft over het een of ander. 
Pavlov zou trots op mij zijn. Want luidt de bel, dan kwijl ik nog net niet maar de reactie is een volkomen alerte! Recht overeind in bed zittende, leesbril zoekende en gemor van echtgenoot negerende antwoord ik het kind leuk en hartelijk. 

Deze week heb ik besloten hem te laten gaan want onze samenwerking is een wurgcontract gebleken. Hij moet volwassen worden! En ik moet niet alle kastanjes voor hem uit het vuur willen halen.
De wil is er. Nu nog het celgeheugen wissen. En dat valt bepaald niet mee. Het kleeft, het wringt, het duwt, het trekt. Stiekem kijk ik hoe laat hij naar bed is gegaan. Daarna moet ik weer een hoop controledrang weg puffen. Zijn bevalling was een stuk simpeler.

Vannacht droomde ik dat ik een laatste verzorging bij een overledene zou gaan doen. Terwijl ik wat spullen klaarzette, meende ik vanuit mijn ooghoeken wat beweging te zien. De overledene kwam weer tot leven! Uiteindelijk zei de vrouw bijna verontschuldigend: "ik heb echt mijn best gedaan om over te gaan."  
Ik nam het haar niet kwalijk want ik begreep haar. 
Zij vertelde mij  in feite hoe loslaten voor mij in elkaar steekt. Want ik zal aan het eind van mijn leven zeggen:  "Ik heb echt mijn best gedaan om je los te laten, maar mijn moederhart kon dat wezenlijk niet."
In de overgave kan ik nog een hoop leren maar in de liefde blijf ik mijzelve.



vrijdag 19 oktober 2012

De bezielde uitvaartbegeleider

De bezielde uitvaartbegeleider bestaat!
Kort geleden trof ik een zaaltje vol aan in Lelystad.

In het kader van mijn eindopdracht bij Meander Uitvaartopleidingen heb ik een workshop 'de bezielde uitvaartbegeleider' gegeven aan medestudenten en uitvaartbegeleiders.

Het was een heerlijke dag waarin ervaringen over het vak uitgewisseld werden, gelijkgestemdheid rondzoemde en de identificatie met de ziel een peulenschilletje bleek.

Nou is de uitvaartwereld een mooie weerspiegeling van het alledaagse leven. Enerzijds is er nog het oude: het beroep dat misschien een weelderig wollen vest had kunnen zijn, maar gekrompen is tot een smal en hard breisel; een plank. Het is - zwart-wit gesteld - de uitvaartbegeleider, die niet veel verder komt dan zijn regelrol en elk gevoel heeft uitgeschakeld. Daarnaast gaat het hem vooral om snel en efficiënt uitvoeren, waardoor nabestaanden in een willoze rol geduwd worden. En tijdens de uitvaartplechtigheid veinst hij wel eens.
Anderzijds is er het nieuwe: het lamswollen truitje. Het is de uitvaartbegeleider die met open mind bij de nabestaanden binnenstapt, tijd neemt, behoeften empathisch peilt en een plechtigheid neerzet waarin de nabestaanden zichzelf herkennen.
Tussen deze twee uitersten zitten uiteraard allerlei mengvormen.

En toch, deze samentrekkende en ruimte scheppende beweging is overal te vinden in onze duale werkelijkheid. Het zijn het ego en de ziel die in een wonderlijke dans elkaar afwisselen.
De televisie biedt vaak een karikaturale versie van dit gegeven. Vooral BN'ers lopen hierin voorop. Hun rol is almaar smaller geworden. Ook hier is de plank gekomen, de duikplank. Daar moeten zij nu letterlijk vanaf springen om nog een beetje in bekende (ego)sferen te kunnen blijven! En kennelijk hebben zij daar een hoop angst en pijn voor over. 
Het programma 'Over mijn lijk' laat de tegenovergestelde beweging zien. Hier zien we mensen die ook duiken, maar nu om hun ziel in versneld tempo toe te laten.

Vanuit onze ware aard streven we naar een bestaan waarin eenheid de stuwende kracht is. En in de uitvaartwereld kun je deze drijfveer heel goed zien. Want van binnenuit is een beweging ontstaan, die gedragen wordt door de uitvaartbegeleiders zelf. Het zijn de uitvaartbegeleiders die zich laten leiden door hart en ziel. Hun werk is juist niet vormvast. Zij zoeken de verbinding met de overledenen (bijvoorbeeld door in gedachten toestemming te vragen bij de laatste verzorging) en de nabestaanden. Zij ervaren de eenheid en dragen die uit. Dat is een energetisch gebeuren dat toch heel goed waarneembaar is voor alle betrokkenen. Alles lijkt dan te stromen. De nabestaanden voelen zich gehoord en gezien. De uitvaartbegeleider lijkt één van hen te zijn. Er wordt opgetild en verdiept. Leven en dood ontmoeten elkaar.

Het lamswollen truitje is een schitterend universeel breiwerk aan het worden. Zo ontstaat het bezielde uitvaartwezen, geïnitieerd en gedragen door de uitvaartbegeleider.





dinsdag 22 mei 2012

Crematorium

Vanaf het begin van dit jaar volg ik een opleiding tot uitvaartbegeleider nieuwe stijl. Dat is mijns inziens hard nodig want de uitvaartwereld bevindt zich nog in bepaalde opzichten op het niveau van de zestiger jaren van de vorige eeuw. De uitvaartbranche is af en toe net  zo'n  ongemakkelijk plastic oranje stoeltje in een sportkantine.
Ook bij deze beroepsgroep  is er sprake van resonantie. Sommige (tegen elke emotie gepantserde) uitvaartbegeleiders lijken verdacht veel op hun cliënten. De ziel, die niet meer bij het lichaam is, maakt de overledene tot een soort etalagepop. En een aantal 'uitvaartlijers'  vertoont treffende overeenkomsten. 


Mijn vernieuwingsdrang zal zich nog even koest houden, maar mocht ik ooit mijn eigen bedrijf  beginnen, dan weet ik het wel. Af en toe heb ik beelden van wat het idealiter gaat worden: in ieder geval een betaalbare uitvaart, want  het kan vast allemaal goedkoper. Ook verheug ik me op het contact met de ziel van de mens voor en na zijn sterven en heb ik de droom dat ik cursussen sterven ga geven voor springlevenden. Sterven is immers het overgaan naar een andere werkelijkheid.
Enige beroepsdeformatie is al begonnen: ik kijk met 'kistogen' naar mensen en weet daardoor welke maat zij nodig hebben. Ik lees nog veel gretiger rouwadvertenties dan voorheen en heb bovengemiddelde interesse voor welke overledene dan ook. In mijn dorp zwaaide ik al veel naar oudere mensen, maar nu heb ik daar andere gedachten bij.


Inmiddels leer ik heel veel op de opleiding en loop ik in relevante werkgebieden stage, laatst ook in een crematorium. De mensen, die daar werken, moeten onder grote druk presteren met de meest uiteenlopende werkzaamheden. Na het formeel ontvangen van de familie volgt een race tegen de klok. De kist moet er staan, al dan niet geopend met alle ornamenten eromheen. De muziek moet op tijd afgespeeld worden, kapstokken moeten verreden, condoleanceregisters verlegd, mensen naar de koffiekamer geloodst en dan moet de kist met de overledene de oven in. Snel, snel, snel want de volgende plechtigheid staat al weer voor de deur.


Op de dag dat ik als stagiaire meeloop, blijkt de oven te haperen. Nou ja, dat is wel het laatste dat je verwacht bij een crematorium! Nog meer stress dus want er staan nu overledenen in de wachtrij. Pas rond het middaguur kan er weer gecremeerd worden.
De medewerkster, die de scepter zwaait, krijgt het er warm van. Ze loopt met zevenmijlslaarzen op en neer naar de oven. Nee, het is nog niet klaar! Ondertussen moet zij een slecht functionerende collega afblaffen en mij in het kielzog velen. Bij de ontvangst van de zoveelste familie knikken mensen alleen mij nog  toe. Mijn begeleidster nodigt al lang niet meer uit.
Weer terug naar de oven, gelukkig kan de volgende stap aanvangen. Routinematig trekt zij haar colbertje uit, een stofjasje aan en harkt ze de as met een soort grote flessenlikker uit de oven in een bak. Ze is zo druk dat ik haar na afloop erop moet attenderen dat er een veeg as op haar gezicht zit.....
Ik besluit ter plekke dat ik begraven wil worden.


De duizendpoot heeft een overledene op haar gezicht zitten. Ik kan er niet over uit. Als ik haar aan het eind van de dag naar de visie van het crematorium vraag, verwijst zij mij naar de directeur. Zelf is zij het zicht even kwijt.



woensdag 16 februari 2011

Nieuw licht

Het is goed te voelen. Er is een nieuw licht op aarde. En het is van een geheel andere orde.
Daarom is het wel wat lastig om het te beschrijven. Toch waag ik een poging. Dit licht zit namelijk ook in je energieveld. 'Zo boven, zo beneden; zo beneden, zo boven' is een onveranderlijke kosmische wet.
Het is de laatste tijd schering en inslag. Ik ben wat aan het doen en plotseling ontstaat er een licht in mijn hart. Datzelfde hart is weliswaar gepokt en gemazeld uit de 3D-strijd gekomen, toch draagt het de grootste schat van de mens in zich: (onvoorwaardelijke) liefde.
Dit stralende, bijna vloeibare licht breidt zich dan vervolgens enorm uit, gaat mijn energieveld en de wereld in. Tegelijkertijd komen er gevoelens  in mij vrij van diepe vreugde, innerlijke vrede en liefde voor alles wat er is.Tjonge, jonge wat is dit heerlijk om mee te maken!
Het geeft ook direct een zonnig gemoed. We gaan met de wereld een geweldige nieuwe tijd beleven. En we gaan 'dingen' voorbij het voorstelbare meemaken.

Vanuit een ander perspectief lijkt het hopeloos mis te gaan in de wereld. De chaos nadert. Oude structuren wankelen terwijl nog niet te zien is wat daarop volgt. Dat is heel griezelig.
Bovendien is het o zo gemakkelijk vanuit onze comfortabel Westerse bureaustoel de wereld te beschouwen.

Toch ben ik zeer hoopvol. De op handen zijnde vernieuwingen zijn zonneklaar. Nog even en er 'schuift' nog meer eenheid onder onze werkelijkheid. Dan blijken we in de pas te lopen met de kwantumfysica: we zijn vaste deeltjes én golf. En als het paradigma verandert, plotsklaps, kan niemand zich meer voorstellen dat we ooit in een wereld leefden waarin eigenbelang, macht, achterdocht, geweld en uitbuiting normaal waren........

dinsdag 4 januari 2011

het wonderbaarlijke in


We sluiten een periode af waarin veel mensen het emotioneel zeer zwaar hebben gehad.
De al maar hogere wordende trillingsfrequenties dwingen ons om aspecten van de persoonlijkheid, die nog niet voldoende in diepte zijn waargenomen en ervaren, te integreren. In het kielzog van deze aspecten treffen we dan zeer vaak vergelijkbare energieën uit vorige levens aan. Zo kan het zijn dat je opnieuw geconfronteerd wordt met een nog niet geheeld stuk van je persoonlijkheid terwijl je weet en vooral voelt dat dit stuk de lading van vele levens dekt.
Dit kun je alleen maar aan omdat je voldoende zielsbewustzijn hebt. Anders zou je omver geblazen worden. Dus: het diepe wordt dieper, maar de ruimte neemt evenredig toe. De persoonlijkheid is min of meer aan het einde van haar Latijn. Een nieuw evenwicht gaat doorbreken. Je zielskwaliteiten komen steeds meer aan het licht.

Ons huidige leven lijkt te streven naar de integratie van grofweg twee type levens. Allereerst de levens op aarde waarbij we op zeer verschillende manieren, in slachtoffer- en daderschap, patronen hebben verkend van voornamelijk ‘niet goed genoeg zijn’, ‘er niet mogen zijn’ en alle varianten daartussen. In dit leven wil je ziel deze aardse patroonverkenningen afronden zodat je frequentie verder omhoog kan gaan. Daarnaast heb je nog aardse en buitenaardse levens geleid waarbij je kwaliteiten had die passen bij je multidimensionaliteit, bij je nieuwe mens-zijn. Deze kwaliteiten komen steeds meer aan de oppervlakte en gaan veelal voorbij het (aardse) voorstelbare. Je leeft ten slotte in een multiversum.

Nog wat stappen verder en we kunnen het wonderbaarlijke in. Dan gaan we gestalte geven aan in plaats van het neerzetten van. Voor de vormen op deze aarde zal dat een enorm verschil gaan maken. We moeten hierbij echt onze verbeelding gebruiken om te bevroeden wat dit in zou kunnen houden. Want echt concreet is het niet.

Ik heb het initiatief genomen om lichtcirkels op te zetten. Een lichtcirkel is een bijeenkomst waarbij een aantal mensen hun ziel(senergie) inzet om zichzelf en de wereld ingrijpend te veranderen. Zo stevenen we af op het nieuwe mens-zijn en een nieuwe aarde.
Intenties daarbij kunnen zijn:
- verhogen van de trillingsfrequentie van de mensen aanwezig
- verhogen van de trillingsfrequentie in de wereld
- concrete zaken, die bewustzijn nodig hebben, in het licht zetten
- genereren van multidimensionale kennis
- manifesteren van een nieuwe wereld

Deze maand starten de lichtcirkels. Ik verwacht er veel van. Los daarvan is het heerlijk om met anderen ervaringen uit te wisselen en een bijdrage te leveren aan een nieuwe werkelijkheid.



maandag 29 november 2010

De nieuwe school


Terwijl ik in de vorige blog betoogde dat het huidige onderwijs een verstikkende cognitieve leerfabriek is geworden, ontstond moeiteloos ook een besef van hoe idealiter het onderwijs er uit zou kunnen zien.
De vernieuwende initiatieven die op dit moment genomen worden, streven naar een school waarin het kind zijn unieke talenten kan ontplooien.
Dit zijn prachtige uitgangspunten. Ik wil een stap verder gaan. We doen kinderen tekort als we niet gebruik maken van hun multidimensionele aard. De kinderen in deze tijd staan van nature in contact met hun lichaam, ziel, aura en hun tijdruimteloze lagen én de kennis en wijsheid die in deze velden besloten ligt. Alle kinderen zijn helder. Het ene kind wordt echter meer dan het andere genoodzaakt (bewust of onbewust) die helderheid te verhullen. Wanneer dit gegeven het uitgangspunt zou zijn voor onderwijs, kunnen we op iets wezenlijk anders afstevenen.
Dan is de school in ieder geval ook een plek waar kinderen leren vanuit hun ziel te leven en hun persoonlijkheid leren in te zetten als middel tot zelfexpressie.

Steeds vaker krijg ik de indruk dat kinderen het oudetijds spelletje keurig of juist niet keurig meespelen. Beide opties passen bij de 3d-werkelijkheid die nog gekenmerkt wordt door dualiteit. De nieuwe mens echter streeft naar een bestaan waar eenheid de stuwende kracht is.
In mijn praktijk komen onder andere kinderen die oververmoeid zijn. Naast het vele moeten, de druk die binnen en buiten school voortdurend aanwezig is, zou er ook wel eens sprake kunnen zijn van een frequentieprobleem. De 3d-leermethoden sluiten niet meer aan bij de veel hogere (ziels)frequentie van het kind. En wanneer je noodgedwongen om moet gaan met lagere frequenties word je moe, heel moe.

Het afgelopen jaar heb ik een opleiding verzorgd in de traditie van de mysteriescholen. Eén van de vakken die gegeven werd, heette ‘leer van trilling’. Uitgangspunt van dit vak was dat iedereen en alles in het universum bewustzijn is. En alle bewustzijn is trilling. Dit vereist een andere interpretatie van de werkelijkheid en het wekken van vaardigheden die in ieder van ons aanwezig zijn.
Kinderen kun je leren om zich af te stemmen op de trillingsfrequentie van hun ziel. Je kunt hen leren dat je de trillingsfrequenties van verschillende vormen waar kunt nemen. Idealiter zouden deze vaardigheden tot een volkomen andere manier van leren kunnen leiden. Vakken hebben namelijk ook trillingsfrequenties. Stel je maar eens voor dat op school een kind zich afstemt op de trillingsfrequentie van het vak rekenen, een overeenkomstige frequentie in zichzelf opspoort, ondervindt wat hij er al van weet en dan aan de slag gaat met opdrachten.
Toekomstmuziek? Alles is er al. We hoeven alleen maar gestalte te geven aan de energieën die voorbij de derde dimensie op ons liggen te wachten.

vrijdag 29 oktober 2010

School

Vanochtend lees ik in de krant dat het ‘iederwijs’ onderwijs ter ziele is. Het experiment is ten onder gegaan aan de steeds strengere regels ten aanzien van cognitieve prestaties op scholen.
Ik heb er de pest over in. Al een tijdje zie ik met lede ogen aan hoe mijn jongste zoon van 16 jaar gemangeld wordt in een leerfabriek die VWO heet. Bij de andere kinderen was het ook heel wat maar in deze tijd is de cognitieve terreur een feit geworden. Er moet gepresteerd worden. In klas vier worden er al toetsen gepland die meetellen voor het eindexamen.

De zoon zit nu in vijf atheneum en het wordt alsmaar erger. Naast examentoetsen wordt bij bijna elk vak een werkstuk verwacht en moet er ook nog een persoonlijk werkstuk komen dat tachtig uur in beslag neemt naast alle nog te lezen boeken.
Mijn middelbare schooltijd speelde zich af in de jaren zeventig en was angstaanjagend anders: zeven vakken, een paar werkstukken, geen plagiaatcontrole, ontspannen samenzijn met de docenten, veel discussie over maatschappelijke zaken, en soms hard werken.
Wat is er mis gegaan?

Gisteren zag ik een filmpje op You Tube van een meisje dat besloot zich bij de school ‘de Ruimte’ te vervoegen. De Ruimte is een school waar kinderen door activiteiten inzicht, kennis en vaardigheden verwerven. Ze bepalen zelf wat zij doen.
Het meisje had de eerste tijd grote moeite om niet te vervallen in opgelegde zaken. Ze vertelde dat ze soms snakte naar twee verplichte wiskundesommen op een dag. Liefdevol werd dit proces ‘omscholen’ genoemd. Later bleek dat de leergierigheid zich op een meer natuurlijke wijze aandiende. Een klein meisje vertelde ontspannen dat ze alles leuk vond op school. Dat raakte mij diep.

Kinderen worden tegenwoordig in een verstandelijke mal geperst. Het is een uitvloeisel van onze maatschappij die collectief in zijn hoofd zit. Ik vind het dan ook niet gek dat er zoveel ‘probleemgevallen’ zijn.
Soms heb ik zelfs de indruk dat kinderen doen alsof ze kinderen zijn om van het gezeur af te zijn. Diezelfde zoon en ik griezelen wel eens bij programma’s voor kinderen waar kinderen te braaf en te verstandig geportretteerd worden. Geen wonder dat het onhandelbare tegenovergestelde ook realiteit is.

Wat zou het fantastisch zijn wanneer authenticiteit bij kinderen weer op de voorgrond zou komen. Dat kinderen begeleid worden in het ontwikkelen van die dingen die ze van nature al in zich hebben. En dat school gaat over ontdekken, bevestigen en meesterschap.